De scenery rond Station Willemspoort.
Als het over de scenery gaat bedoelen we de landschap opbouw, de aankleding van waterpartijen en de bomen in het landschap. Dit hoofdstuk is ook op die manier ingedeeld.

Ik behandel hier:
   - de aanleg van het weiland
   - de aanleg van de zandweg
   - de aanleg van de sloot
   - de aankleding van de sloot (knotwilgen, riet met lisdodden, en zelfs de reigers)
   - het maken van de bomen



Het weiland.
Omdat ik niet beschik over een grasmaster en de vliegenmepper niet afdoende werkt heb ik besloten om toch maar met een Busch grasmat te gaan werken. Omdat het weiland begraasd wordt, vond ik het niet zo'n probleem. De grasmat is kort geschoren. Met wat loof en wat speelzand kon ik het grasmateffect heel goed camoufleren. De naad tussen de twee delen heb ik weggewerkt door een dichtgegroeid boerenslootje te maken. Dit aangekleed met riet, struiken, mos en een dubbele berk. Verder doen een rijtje populieren en de koeien ook hun best. Op een van de delen heb ik nog een voorziening getroffen waar de boer na het snoeien van de knotwilgen de takken kan laten drogen.

De zandweg.
Voor de aanleg van de zandweg, die loopt vanaf de linker zijkant van het station tot aan de ingang van het weiland heb gebruik gemaakt van speelzand. Dit is 100% schoon, en al redelijk fijn van structuur. Na het aanbrengen even nog een beetje gelijk maken. Daarna indruppelen met verdunde houtlijm. Ik heb het verdund in 1 deel lijm, en 2 delen water. Een paar druppels afwasmiddel erbij maakt het water wat zachter. Als de lijm begint te drogen kunnen de rijsporen ingekrast worden.
Dit weggetje wordt momenteel gebruikt voor de aanvoer van onderdelen voor de telegraaflijn.
Ook het lokale bedrijfsleven heeft dit weggetje gevonden. Hier worden er goederen over vervoerd naar het nabij gelegen Sloten.

De sloot.
Om de sloot te graven is er uit de foamplaat een gleuf gesneden met schuine kanten.
De sloot is ongeveer een milimeter of tien diep gemaakt. De bodem is glad en lekdicht gemaakt. Hierna is de oppervlakte van de bodem ingesmeerd met onverdunde houtlijm. Niet te dun.
Vervolgens zijn er strookjes toiletpapier opgelegd. Ik heb gekozen voor papier wat uit 1 laag bestaat. Het papier zuigt nu de natte lijm op, maar kan niet uitzetten omdat het gelijktijdig door de lijm op zijn plaats wordt gehouden. Dus gaat het rimpelen. Niets aan doen, gewoon laten drogen. Als het goed droog is even met een fijn schuurpapiertje de scherpe randjes weg schuren. En daar is het slootwater. Nu is het een kwestie van op kleur brengen met een hoogglans verf.

De knotwilgen.
Met dun bloembinddraad worden, door een lengte een aantal keren in tweeŽn te buigen, de takken gevormd. Door wat dikker draad in tweeŽn te buigen met daartussen het zojuist gebogen dunne draad, wordt de stam gemaakt. Draai het dikke draad nu stevig in elkaar en laat op het kruispunt een druppel secondenlijm vallen. Ik neem nu keukenrolpapier en verdunde (1 deel lijm op 2 delen water) houtlijm met wat acrylverf. Rol nu strookjes papier om de stam en doordrenk dit met de houtlijm. Ik gebruik daarvoor een heel goedkoop varkensharen kwastje.
Als de lijm droog is breng ik de takken in vorm en op kleur. Na droging de takken inspuiten met lijm en strooimateriaal aanbrengen. Om het volle blad te krijgen gebruik ik dat wolachtige filtermateriaal van Anita Decor. Dat wordt helemaal uit elkaar getrokken en in kleine stukjes geknipt. Als ik dit tussen de met lijm ingespoten takken aanbreng, kan ik na droging van de lijm het er weer tussenuit trekken en hergebruiken. Wat achter blijft is prima basis voor het uiteindelijke loof. Ook gebruik ik wel kort gras als basis. Geeft een ander resultaat. Dit voor de afwisseling.
Let wat het loof betreft goed op de kleur. Het blad van de knotwilg is een beetje grijsgroen.

De oude wilgen doe ik op dezelfde manier. Echter met dat verschil dat ik een stukje gaas gebruik om de vorm van een oude holle stam na te maken.

Als de knotwilgen in het landschap langs de sloot zijn geplaatst en de bodem rond de wilg aangekleed ziet het er fantastisch uit.

Het riet.
Nu kan het riet met de lisdodden aangebracht worden. Om zo'n mooie dot met riet te maken ga ik als volgt te werk.

Voor het riet gebruik ik sisal. Dat haal ik in het plaatselijke tuincentrum. Ik heb altijd twee kleuren op voorraad. Namelijk groen en beige.
Uit de bos trek ik een streng en vouw deze een aantal keren dubbel. Aan de onderkant breng ik een druppel secondenlijm aan. Om de lijm snel te laten drogen gebruik ik een spuitje met Muscle keukenreiniger. Daarna knip ik de lussen door en knip alles op maat. Van de lichte kleur gebruik maar heel weinig. Dit is alleen om wat accenten aan te brengen, zodat het riet wat levendiger wordt. Dus af en toe een heel korte streng mee verwerken. De lisdodden maak ik van 0,3 mm staaldraad, een stukje kous van ethernetdraad en een likje bruine verf.
Zo ziet de slootkant er uit nu het zo goed als af is.

Op deze foto is, als je goed kijkt, een reiger te zien. Op de volgende foto is te zien hoe deze tot stand is gekomen.

De reiger.
Van links naar rechts is de opbouw en bewerking goed te volgen. Deze reiger is gemaakt van materiaal wat over was en apart gehouden werd. Dus iets niet te gauw weggooien.


    Hier is de reiger te zien in zijn natuurlijke habitat.

De zwanenfamilie.


De zwanenfamilie is op dezelfde wijze tot stand gekomen als de reiger. Eveneens van afval materiaal gevormd. Verder met vijltjes het uiteindelijke uiterlijk gekregen.


De zwanenfamilie heeft de eindvorm gekregen. Nu rest mij nog om ze op kleur te brengen.


Nadat er een verfje over de zwanenfamilie is gegaan zijn ze hun plekje op het water op gaan zoeken.

De bomen.


Bomen. Ja, deze komen meestal als laatste aan de beurt. Toch ben ik al vanaf het begin van de bouw ook met de bomen begonnen. De knotwilgen zijn al aan bod geweest, dus ga ik eens naar de wat grotere bomen kijken. Over de bouw van een boom kan ik kort zijn. Daar is al op diverse sites voldoende over gepubliceerd. Ik volg in grote lijnen dan ook die methode, en meng dat met mijn eigen bevindingen en materiaalkeuzes. Het resultaat van de basis is op deze foto te zien.


Ik probeer altijd wat zaken, die niet direct op de baan nodig zijn, te bewaren om op een zomerse dag lekker buiten aan de tuintafel te kunnen maken.
Zo ook dit rijtje populieren


Als je goed naar een boom kijkt, dat is het net of sommige met wortel en al bovenop de grond staan.
Ik maak dit door de boom in een stuk foam te steken, en met een paar stukjes binddraad en keukenrolpapier gedrenkt in de houtlijm, aan te brengen onderaan de stam.


Als de op kleur gebrachte houtlijm droog is ziet het er uit als op deze foto. Met een mesje en schaar haal ik wat van dat papier weg. Zo ontstaat de vorm van de wortels zoals eerder vermeld.


Als de populieren op hun plaats staan zijn de wortels goed te zien. Ik heb het niet bij alle bomen zo gedaan, want er zijn bomen die wat dieper staan zodat er bijna geen wortels te zien zijn.
Dit rijtje populieren is gereed om verder aangekleed te worden met struiken, mos, klimop langs de stam, en wat hoog gras enz.


Omdat voor de bouw van het station een flink stuk grond is omgewoeld en bouwrijp gemaakt, was er na de voltooiing behoefte aan nieuwe aanplant. Voor dit doel waren er een flink aantal jonge populieren nodig. Een hele klus. Maar wel weer om eens lekker mee buiten te gaan zitten.


Voor het bekleden van de stam en takken van de bomen gebruik ik dezelfde methode als die bij de knotwilgen. Dat geldt ook voor het loof.
Hier de voorraad jonge populieren. Hiermee zijn bijna alle bomen klaar.


Hier zie je de basis voor een oude eik. Ook deze gaat met keukenrolpapier en houtlijm bekleed worden.


En hij is klaar om geplaatst te worden.


Ook een dubbele berk heeft een plekje gevonden. Hij staat direct naast de kleine dichtgegroeide sloot.


    Het landschap is nog niet geheel voltooid. Zo hier en daar kan nog wel een en ander aan struikgewas aangebracht worden.
    Zo zal het landschap uiteindelijk zijn definitieve vorm krijgen.